☰ Extra

Leander Waeghe.... nam steeds het voortouw

2026 01 27 114546Dit jaar is het 105 jaar geleden dat Leander Waeghe, 'de Knokse held zonder wapen', op maandag 12 juli 1915 werd doodgeschoten bij het overbrengen van brieven tussen het vrije Nederland en het bezette Belgie.

Wie was die Leander, ook wel Lokke genoemd?

Leander Waeghe, zoon van Augustijn Waeghe en Nathalie Reubens, werd geboren op 6 december 1891. Vader Waeghe, Stien genoemd, woonde met zijn gezin in de Oosthoek langs de Oosthoekstraat (huidige Paulusstraat) naast Franciscus (Sies) Stockx en baatte er een cafe uit. Stien was een onverbeterlijke grappenmaker, speelde accordeon en was tevens haarkapper, timmerman en metser.

Leander groeide op in het drukke gezin en het plezante cafeleven. Hij speelde met vriendjes in de bossen, de duinen of op het strand en ging naar school in het dorp. Het was wel een halfuur stappen naar de lagere school. Toen Leander 12 jaar was, bleef hij thuis en hielp mee met zijn ouders in het cafe. Hij bleek even handig als vader Stien en kon metsen en timmeren als een echte stielman. Hij ontpopte zich bovendien tot vaardige klompenmaker, herstelde zeer kundig fietsen en speelde accordeon. Leander werd een knappe jonge man - zwarte lokken, mooie gestalte - en boekte succes bij de Knokse meisjes.

Toen zijn moeder hem eens voorzichtig polste of hij nog geen lief had, antwoordde hij lachend: 'Ik kan niet kiezen, ik zie ze allemaal even graag maar wil er nog geen trouwen...'.

2026 01 27 114603Het huis waar Leander Waeghe opgroeide

Toen brak de oorlog uit

Belgie werd bezet door de Duitsers en in Knokke, aan de grens met het vrije Nederland, verbleven soldaten van de 'Kriegsmarine' en mannen van de 'Landsturm' (dit waren bewapende burgers ter ondersteuning van het leger). Enkelen werden ingekwartierd in het 'Zwart Huis' (bij het vroegere vliegveld) en ook in de Oosthoek kwam er een voorpost in het cafe - annex winkel van de familie 'Seven' Stockx (nu restaurant La Sapiniere).

2026 01 27 114802Mannen van de Kriegsmarine op pad tussen De Vrede en St. Anna-ter-Muiden.

De Duitsers slaagden er niet direct in om de kilometerslange grens tussen Belgie-Nederland hermetisch af te sluiten om grensactiviteiten te beperken was er vanaf mei 1914 een gewone draadversperring opgericht en werden op de verschillende doorganswegen hindernissen geplaatst. In het begin van de Duitse bezetting was het nog redelijk gemakkelijk om op bepaalde plaatsen over de grens te geraken. De Belgisch-Nederlandse overgang aan de Vrede bleek echter een enorme aantrekkingskracht te hebben en op grote schaal vonden er overschrijdingen plaats. Nog steeds kwamen veel vluchtelingen, verzetslui, smokkelaars, clandestiene post en ook vrijwilligers de grens over en dit vooral met de hulp van de plaatselijke bewoners die de streek op hun duimpje kenden.

Spionnen vonden ook hun weg naar Nederland via Knokke want de geallieerden hadden een centraal 'opvangpunt' voor spionage in Nederland gevestigd, eerst in Vlissingen en later in Rotterdam, en van daaruit regisseerden ze de spionage op Belgisch grondgebied. De Duitse soldaten kregen toch stilaan in de gaten dat de doorgangsweg in de 'Vrede' veel gebruikt werd en het erg druk was aan de Nederlandse grensdoorpost.

Te druk naar de zin van de Duitsers ...

Zichtbare grens tussen Oorlog en Vrede

De draad op het strand bij het Zwin (verz. Erwin Mahieu)

Om een zeer hermetische afsluiting van de grenzen te bekomen, besloten de Duitsers in de loop van 1915 een rigoureus middel in te zetten, de zogenaamde 'dodendraad' die onder  hoogspanning zou staan. Dit werd een zichtbare grens tussen 'Oorlog en Vrede'. In april 1915 werd begonnen met de aanleg van de elektrische draadversperring. Dit gebeurde in verschillende fases en op verschillende plaatsen. De totale lengte van de grens tussen Belgie en Nederland was ongeveer 450 km vanaf het Zwin in Knokke tot aan het drielandenpunt in de Voerstreek. Om de afgrenzing wat te vereenvoudigen werden de uitstulpingen van het grondgebied tussen Belgie en Nederland zoveel mogelijk rechtgetrokken. Zo werd de draad verkort tot plusminus 330 km.

2026 01 27 114822Grenswacht op het strand bij het Zwin. (verz. E.Mahieu)

In Knokke hadden de Duitsers echter een probleem! De Zwinkreek vormde de grens met Nederland maar omdat deze met de getijden volliep en ook de Zwinvlakte soms onderwater bleef staan, moest de elektrische draad verplaatst worden. Vanaf de Nederlandse grens werd de draad afgebogen en liep deze boven op de Internationale Dijk tot voor het Zwin op Belgisch grondgebied en vandaar verder doorgetrokken tot aan de Zeedijk, vlak naast de laatste bebouwing. Van daaruit liep dan een gewone, zeer hoge prikkeldraadversperring dwars over het strand tot 220 meter in de zee. De elektrische draad werd nog niet direct onder hoogspanning gezet, dit gebeurde in Knokke pas op 23 augustus 1915.

Kaart van het grensgebied tussen St.Laureins en Knokke. (Lombard)

2026 01 27 114822Grenswachters op de Internationale Dijk bij het Zwingebied.

2026 01 27 114906
2026 01 27 114920

Kaart van het grensgebied tussen
St.Laureins en Knokke. (Lombard)

2026 01 27 114933Poortdoorgang voor voertuigen en de tram. (Heemkundige Kring Baarle-Hertog)

2026 01 27 115006Kaart met de locatie van de elektrische draad ter hoogte van het Hazegras en het Zwin. (ORAM,U.C.L.)

Hoe zag die elektrische draad eruit?

Het was een drievoudige versperring: in feite 3 parallelle afsluitingen naast elkaar. Aan beide kanten van de centrale stroomdraad stond op een zestal meter nog een beschermende rij prikkeldraad die, naargelang de omgeving en de aard van het terrein, ongeveer 1 a 2m hoog kon zijn. Deze buitenste prikkeldraden stonden niet onder spanning. Soms waren die beschermingen goed dooreengevlochten prikkeldraden met hier en daar ijzeren staven ertussen. Het oprichten van de 'dodendraad' werd uitgevoerd door Duitse militairen, Russische krijgsgevangenen en Belgische opgeeiste mannen.

Op bepaalde wegen waren poorten aangebracht die onder permanente bewaking stonden: kleine poorten voor de burgers en grotere en bredere voor voertuigen, militaire doeleinden of trams. De Duitsers moesten hun troepen in het niemandsland kunnen bevoorraden en bovendien wisten ze niet hoe de oorlog en de verhoudingen met Nederland zouden evolueren, dus af en toe een doorgang vrijhouden was interessant.

2026 01 27 115024Poortdoorgang voor voertuigen en de tram.(Heemkundige Kring Baarle-Hertog)

Leander werd brievensmokkelaar

Hoe kwam Leander op het idee om brieven over de grens te smokkelen?

Hij was in contact met de Nederlandse mevrouw Pieret, een kennis van zijn ouders, die een cafe openhield in Sluis (Nederland). Zij vertelde hem over het heimelijk overbrengen van brieven en verboden kranten langs clandestiene postroutes. Ze spoorde Leander aan dit te doen, de draadversperringen waren er al wel maar stonden nog niet onder hoogspanning.

Ze deelde hem ook mee dat de brievensmokkelaars goed betaald werden voor hun diensten. Dit was iets naar Leanders goesting: een uitdaging, een avontuur en hij zou een cent bijverdienen!

Een echt kolfje naar zijn hand. Het was natuurlijk wel gevaarlijk maar hij kende toch elke gracht, elke dijk en elke graskant dus...

Leander dokterde een listig plan uit dat weinig risico inhield.

2026 01 27 115046Een controle van burgers door de Duitse grenswacht.

Met een houweel over de schouder trok hij op verkenning tot aan de draad om de toestand op te nemen en een veilige plaats te vinden om gemakkelijk over de grens te geraken. Een Duitse wacht merkte op dat Leander te mooi gekleed was om te werken met een houweel in de poldergrond en snauwde hem toe: "Du kommst nicht zum arbeiten". 'Lokke' trok enkel zijn schouders eens op en keerde behouden naar huis. Dit liep gelukkig goed af en had geen verder gevolg.

Leander had twee goede betrouwbare kameraden om samen de tochten te maken, de ene was Louis Viaene 'schabbetje' genoemd en de ander was Kamiel Van Hove met als bijnaam 'Mike'. Hun plan kreeg stilaan vorm. Ze wilden 's nachts op pad gaan als het goed donker was en enkel als de gewassen hoog stonden en er volop begroeiing was met veel groen en bladeren aan de bomen en struiken, zodat ze niet zichtbaar zouden zijn.

Ze zochten de gemakkelijkste route met weinig dijken en zonder kale stukken grond om over te lopen. De prikkeldraden mochten niet te hoog zijn wat een echt probleem kon opleveren. Ze vonden een plaats met veel vegetatie en ondergroei voor en rond de draad en maakten er een soort tunneldoorgang met ton en kuip onder. De opening van die kuip werd handig gecamoufleerd, voor niemand zichtbaar.

Het scenario voor de smokkeltochten

Eerst werden de brieven die over de grens moesten onderling verdeeld en in de kledij en de petten genaaid, de kranten werden in zakken onder de jassen meegedragen.

Ze startten nooit voor het goed donker was. Leander had ook nog een extra veiligheid ingelast!

Hij had een lang touw voorzien dat ze alle drie in de hand moesten houden gedurende de hele tocht. Het was ook altijd 'Lokke' die letterlijk het voortouw nam: hij liep altijd vooraan, op gepaste afstand gevolgd door 'Schabbetje' en op dezelfde afstand volgde 'Mike'. Hun route met drie was steeds dezelfde. Stilzwijgend en geruisloos liepen ze dan gebogen door de grachten en velden richting Retranchement in Nederland. Daar splitsten ze zich en liepen elk apart naar hun bestemming, Sluis of een ander dichtbijgelegen dorp. Na het afleveren van de brieven namen ze hun nieuwe correspondentie en verboden kranten in ontvangst om deze terug naar Belgie mee te nemen. Hoeveel zulke tochten ze hebben ondernomen is niet exact geweten maar het waren er toch een paar.

Leanders fatale, laatste tocht

In Knokke werd stilaan bekend dat Leander Waeghe een serieuze cent verdiende met het smokkelen van brieven en de praatjes staken de kop op. Afgunst of nijd? Verklikt door collaborateurs?

Terzelfdertijd deed het gerucht de ronde dat ook de Duitsers op de hoogte waren en ze de wachtposten aan de 'draad' zouden verdubbelen.

Moeder Waeghe had een voorgevoel dat de nachtelijke escapades van haar zoon te riskant werden. Ze smeekte Leander om met die levensgevaarlijke tochten op te houden. Hij verzekerde haar dat hij ermee zou stoppen...

Op zondagnamiddag 11 juli 1915 maakte Leander zijn ronde door Knokke om brieven op te halen die hij 's avonds over de grens moest meenemen. In het Zoute ging hij naar het winkeltje van Leopold Waeghe in de Sparrendreef om een brief mee te nemen voor diens zoon Remi (vader van Omer Waeghe). De buurvrouw van Leander, Amelie Osaer, ontmoette hem daar in de winkel en ze maakten een praatje. Hij trakteerde haar met een zakje spekken... ze zou hem nooit meer terugzien...

 Daarna ging hij nog brieven ophalen bij de heer Duysburg en bij bakker Ingels. Bij het naar huis gaan stopte hij nog even bij 'Cafe du Golf' om er een pint te drinken. Daar zaten enkele kennissen die hem ook aanraadden te stoppen met brieven smokkelen omdat nu bijna iedereen dit wist en het op den duur moeilijk werd om zijn activiteiten geheim te houden voor de Duitsers. Leander beloofde hen dat het de laatste maal zou zijn.. en het werd de bittere waarheid.

Toen het duister werd vertrokken de drie gezworen kameraden langs hun gebruikelijke weg door de gewassen van de stille polders.

2026 01 27 115119CafĂ© du Golf op het kruispunt van de Sparrendreef en de Zoutelaan.

Langs weiden en grachten liepen ze in gebogen houding richting Nederland. Af en toe stilhoudend om te luisteren, slopen ze verder in het duister, Leander met het touw in de hand om bij onraad de vrienden te verwittigen, de anderen volgden op gepaste afstand. Iedere boom, struik en gracht was hen bekend. Het was adembenemend met steeds die bange gedachte in het hoofd om toch een Duitse patrouille tegen te komen. Het lukte hen om weer over de grensversperringen te geraken en het vrije Nederland te bereiken. Ze namen afscheid en gingen elk apart hun eigen weg om de brieven af te geven op de afgesproken plaats.

De volgende dag, maandag 12 juli, het moet ongeveer 23 u geweest zijn, vonden ze elkaar terug in Retranchement, weer geladen met een kostbare vracht aan brieven en kranten. Iedereen hoopte in stilte dat de terugkeer even goed zou verlopen. Ze staken de grens over een beetje ten noorden van de Kavel I-straat waar een damgat over de dijkgracht lag en van daaruit zouden ze de Nieuw- Hazegraspolderdijk te dwarsen. Af en toe hielden ze halt om te luisteren en stapten dan langzaam en behoedzaam verder. Alles bleef stil om hen heen en enkel het ritselen van de gewassen door de wind was hoorbaar. Leander liep zoals gewoonlijk weer spiedend vooraan met het touw in de hand. Het was al 23u30 toen de gevaarlijkste momenten reeds achter de rug waren en nog slechts een hindernis diende genomen te worden, namelijk de Hazegraspolderdijk. Dan lag de weg vrij naar de Oosthoek.

De 'Landsturm' mannen bewaakten normaal de grens maar juist die nacht hadden ze extra mankrachten gekregen van de 'Kriegsmarine' om de grenscontroles te verscherpen. Natuurlijk wisten de drie brievensmokkelaars dit niet.

Hadden de Duitsers bericht gekregen? Was er hen iets ingefluisterd? Een verklikker in het spel?

Het trio stapte voorzichtig verder tot aan de Hazegraspolderdijk. Louis en Kamiel lagen nog wat in een gracht op afstand te wachten tot ze een seintje met het touw van 'Lokke' zouden krijgen. Deze begon heel langzaam de oostelijke helling van de dijk op te kruipen, hij had dit al ontelbare malen gedaan. Na enkele seconden bereikte hij de hoogste helling en richtte zich wat op om de andere zijde van de dijk en de achterliggende velden te zien. Plots werd er luid geroepen "Halt! Wer da?". Terzelfder tijd was er een geklik van geweergrendels. Leander antwoordde niet en probeerde voorzichtig weg te vluchten maar onmiddellijk werden schoten gelost en Leander viel zwaargewond achterover neer op de oostelijke kant van de dijk. De kogel(s) sloeg(en) grote wonde(n) in zijn borst. Terwijl de Duitse schildwachten een 'hoera' kreet riepen en vlug op hun slachtoffer toeliepen, snelden twee donkere gedaanten weg met de doodsangst op het lijf -soms sluipend en kruipend bereikten ze Nederland. Viaene wierp nog snel het pakje brieven weg dat hij bij zich had. Ze waadden door een kreek en meer dood dan levend kwamen ze aan in het cafe Zeezicht van Louise van Grol. Daar vertelden ze stotterend en bevend dat hun kameraad Leander door de Duitsers was neergeschoten. Louise probeerde hen met een paar borrels te bedaren. Dit was het einde van hun koerier opdrachten, ze bleven in Nederland het einde van de oorlog afwachten.

Toen in de zomer van 1915 Louis Schaut zijn paardenbonen afpikte vond hij het zakje met brieven dat Louis Viaene weggeworpen had. Veiligheidshalve bond hij het in een schoof en zo werd het tussen de andere schoven op de wagen naar huis gebracht.

2026 01 27 115424Kaart met de route van de briefdragers en de locatie waar Leander werd neergeschoten

Geen eerbied voor de dode!

Het lijk van Leander werd die nacht door de Duitsers achtergelaten aan de voet van de Hazegraspolderdijk en het duurde nog tot in de morgen van de 13de juli 1915 eer een boerenwagen vanaf een hoeve zou komen om 'Lokke' naar het dorp te brengen. Vooraleer zijn lijk werd meegenomen poseerden een viertal Duitsers nog voor een fotograaf met op de voorgrond de dode Leander als een 'trofee' aan hun voeten.

2026 01 27 115442Enkele Duitse officieren poseren met hun oorlogstrofee! (archief 'Cnocke is hier'j.

Bij Leander zelf hadden ze nog een zware zak met Engelse en Franse kranten gevonden o.a. The Times, Le Matin en Le Journal. Volgens verschillende bronnen werd later vernomen dat de dode Leander nog steeds een stuk touw in de handen hield...

De dinsdagmorgen vernam Amelia Osaer van haar buurvrouw Nathalie Reubens, moeder van Leander, dat haar zoon nog niet was teruggekeerd van Nederland en ze vreesde dat hij door de Duitsers was aangehouden.

2026 01 27 115516Grafmonument op de oude begraafplaats langs de Deklerkcstraat. (foto D.Lannoy)

Het lijk werd 2 km verder naar de Oosthoek gebracht waar haltgehouden werd aan het cafe van 'Seventje' Stockx. Daar kwamen Duitse officieren die er ingekwartierd waren, kijken naar de 'oorlogstrofee'. De dode lag gewoon onbedekt- voor iedereen zichtbaar- op de bodem van de kar zelfs zonder afsluitplank achteraan.

De dood van Leander had zich als een lopend vuurtje verspreid en iedereen in de Oosthoek kwam hem nog een laatste groet brengen. Dan vertrok de wagen naar het dodenhuisje in de Albertlaan. De Duitsers hadden absoluut geen eerbied voor de dode. Bij aankomst aan het lijkhuisje trokken ze Leander van de kar bij de benen en sleepten hem met het hoofd over het zand van de straat het huisje binnen. Leonie Waeghe, echtgenote van Edmond Waeghe, kreeg toestemming om Leander 'af te leggen'. Het echtpaar waren de huisbewaarders van het gemeentehuis. Leonie vond ingenaaid in Leanders pet nog brieven die moesten besteld worden in Knokke en die de Duitsers niet gevonden hadden. Ze gaf ze door aan de moeder van 'Lokke'.

Hij kreeg een aandoenlijke begrafenis - stil en ingetogen - in de H. Margaretakerk om 10u. waarbij de hele Knokse bevolking tegenwoordig was alsook de Burgemeester en Schepenen. Het voelde aan als een stil maar krachtig protest tegen de Duitsers. Zij vreesden voor relletjes en hadden op verscheidene plaatsen extra schilwachten opgesteld, doch de hele begrafenis verliep sereen. Hij werd geeerd als een 'Held zonder Zwaard' en werd begraven in de schaduw van de kerk.

In de zomer van 1928 werd zijn stoffelijk overschot met een plechtigheid ontgraven en overgebracht naar het nieuwe Sint Helenakerkhof in de huidige Deklerckstraat. Er werd een gedenkzuil opgericht om hem blijvend te herdenken en die staat er nog steeds, dicht bij de ingang van het kerkhof, direct links, tussen andere grafmonumenten van bekende personen. Een goede opmerker zal ontdekken dat de sterfdatum verkeerd is: er staat 13 juli 1915 en het moet 12 juli 1915 zijn. De foto van 'Lokke' - hij kijkt je aan met zelfzekere blik - prijkt op het monument nog zo helder... alsof hij gisteren pas gefotografeerd werd.

Op 11 november 1928, tien jaar na het einde van de eerste wereldoorlog, hield burgemeester Frans Desmidt, een eminent redenaar, een roerende toespraak bij het graf van Leander Waeghe. In zijn redevoering zegde hij onder meer deze treffende woorden:

" 't Was een Waeghe en hij had het nogmaals gewaagd!".

Bronnen:

  • Vermeersch A. J. in Cnocke is hier.
  • D'hont Andre, Dapklapper uit Knokke.
  • Dewaele Gaston, erepolitie-brigadier (mondelinge overlevering).
  • Devroe Constant, Herinneringen aan de Eerste Wereldoorlog, eigen beheer. Prof. Vanneste vertelt over de Dodendraad in 'De Zevende Dag'. Dodendraad: Google/ Wikipedia

 

 

 

Leander Waeghe.... nam steeds het voortouw

Frie Devinck

Cnocke is Hier
2020
57b
023-032
BV
2026-02-07 15:07:43